Schaatssprongen
Duur: 1 minuten
Doelgroep: D-Jeugd

Doel

Het verbeteren van de zijwaartse stabiliteit van het enkel- en kniegewricht en het aanleren van een goede basislandingstechniek met een zijwaartse component. 

Wat is nodig?

  • Half veld.
  • 2 hoedjes.

Organisatie

Zet 2 hoedjes op 10 meter afstand van de achterlijn en verdeel vervolgens de groep over de achterlijn, met onderling 2 meter tussenruimte.

Oefening

  1. De spelers gaan in de atletische houding staan.
  2. Ze verplaatsen hun gewicht naar het rechterbeen en maken hun eerste schaatssprong schuin voorwaarts naar het linkerbeen.
  3. Op deze manier maken ze vloeiende schaatssprongen tot aan de lijn van de hoedjes (10 meter).
  4. De sprongen en de landingen vinden plaats in 1 beweging, er wordt niet stilgestaan.
  5. De romp en de knieen moeten in de landingen steeds goed stabiel zijn.
  6. Bij de hoedjes aangekomen, dribbelen de spelers terug naar de achterlijn en herhalen ze de oefening.

Aandachtspunten

  1. Bij de landingen mag de knie niet naar binnen zakken richting een X-knie.
  2. Tijdens alle sprongen hou je een rechte rug met de borst naar voren.